Als kind raakte ik in de ban van de spirograaf. Een apparaat waarmee je in mooie evenwichtige vormen perfectie kon benaderen. Door in te grijpen kwamen de perfecte vormen onder druk te staan. 

De spirograaf is nog steeds een inspiratiebron. Harmonie maakt plaats voor chaos. In dit overgangsgebied bevind zich mijn esthetiek.

De grens tussen dat wat maatschappelijk aanvaardbaar wordt gevonden en dat wat we pathologiseren als krankzinnig heeft mij nooit losgelaten. 

Ze vertelt ons wie we zijn wie we willen zijn en wat we niet willen zijn. Of het nu gaat over de grens die we trekken tussen ‘reguliere’ kunst en ‘outsider art’ of de manier waarop we onderscheid maken tussen diegenen die in de psychiatrie belanden en diegenen die als ‘vrij’ mens een vorm vinden voor hun eigen compulsies. 

In 1991 ben ik begonnen aan de academie voor beeldende vorming met tekenen. Ik koos voor een ambachtelijke opleiding omdat daar zowel het toegepaste als het beeldende aspect van kunst aan de orde kwam. De opleiding gaf me een degelijke basis vanwaaruit ik mijn fascinatie voor het grensgebied tussen dat wat normaal wordt gevonden en dat wat als afwijkend wordt beschouwd kon onderzoeken.

Wie we niet willen zijn, wie we uitsluiten en waar we naar streven, dat is wie we zelf zijn. Zoals Michel Foucault in zijn werk liet zien worden mensen met een geestesziekte door de eeuwen heen steeds op een andere manier uitgesloten. Dat maakt die grens tussen ziek en gezond tot een politieke en morele barometer. 

In mijn werk ben ik altijd op zoek naar waar gekte begint of ontstaat. Daar waar we de controle verliezen komen we het meest te weten over wat het is dat we bang zijn te verliezen als we de controle kwijtraken. Ook op papier.

Deze zoektocht is mede ingegeven door mijn persoonlijke geschiedenis. Van kinds af aan ben ik omgeven door mensen die op de drempel leefden tussen zin en waanzin. Ik heb gezien hoe sommige volwassenen in de psychiatrie terecht kwamen, terwijl anderen die zich minstens even onvoorspelbaar gedroegen buiten de muren van de inrichting wisten te blijven. De waanzin is bij niemand van ons ver weg. Alleen door haar toe te laten, en soms uit te dagen kunnen we haar begrijpen, temmen en ons vrij laten. Die overtuiging sluimert door al mijn werk. 

Je pakt iets normaals, haalt iets weg, je verdraait het. Je maakt drie kleine wijzigingen en wat eerst nog vertrouwd was begint onbekend aan te voelen. Daar waar we de controle als kijker verliezen worden we gedwongen een positie te bepalen over wat we zien en wie we zijn. Het dwingt de kijker een positie in te nemen maar het biedt ook de kans om even de gekte aan te raken.

Het grootste deel van mijn werk bestaat uit weghalen. Wat overblijft is de grens tussen perfectie en waanzin. Ik abstraheer figuren, haal hun houvast weg en verdraai hun vormen. Met houtskool, potlood en gum. En een spirograaf.


                                                               

Hils Robbé

+31206123500

+31612944812

hilsie@hotmail.com

instagram: hilsrobbe



 met dank aan T. Mol en M. Wertheim